Archief | Gedicht RSS feed for this section

Voel ik wel wat er te voelen is?

11 Nov

Gevoel is energie. Iets kost energie, iets geeft energie. Gevoel bestaat uit een woord: Blij, bedroefd, bang, boos. Verward, onzeker, gewaardeerd, verbonden, geliefd, verliefd, ontspannen, onrustig.

Als ik mijn gevoel in een zin uitdruk, ben ik toch stiekem aan het denken. Mijn gevoel wordt beïnvloed door mijn gedachten. Zoals ik denk, zo voel ik me. Is mijn gedachte waar, dan heb ik een reëel gevoel.

Voel ik wel wat er te voelen is? Aanvaard ik dat gevoel zonder te oordelen?  Of wuif ik het weg?

Ik neem mijn gevoelens waar en merk ze op. Ik mag me zo voelen van mezelf en oordeel niet.  Ik geef er verder geen betekenis aan, stel geen vragen, aanvaard het gevoel en laat het los.

Advertenties

Een vader vergeet..

3 Nov

Boekfragment

Dit fragment komt uit Carnegie’s long time best seller en is geschreven door een vader aan zijn zoon. De eerste keer is het stuk gepubliceerd in Readers Digest en vele malen erna geciteerd en gepubliceerd om te laten zien dat we soms te streng zijn voor elkaar.

door W. Livingstone Larned

Luister zoon, ik zeg dit terwijl je ligt te slapen, met een van je kleine handen onder je wang en met je blonde krullen plakkerig op je klamme voorhoofd. Ik ben stiekem in mijn eentje je kamer binnengeslopen. Nog maar een paar minuutjes terug zat ik in de studeerkamer mijn krant te lezen en werd ik overmand door een verstikkend gevoel van spijt. Met een gevoel van schuld sta ik nu naast je bedje.

Hier heb je dingen waaraan ik dacht, jongen: ik was boos op je. Ik heb op je gemopperd toen jij je aankleedde om naar school te gaan, omdat jij je gezicht alleen maar wat aaide met een vochtige handdoek. Ik nam je onderhanden omdat jij je schoenen niet had gepoetst. Ik riep boze woorden naar je toen je een paar van je spullen liet vallen.

Aan het ontbijt had ik ook al van alles op je aan te merken. Je morste. Je schrokte je brood haastig naar binnen. Je zat met je ellebogen op tafel. Je smeerde de boter veel te dik op je brood. En toen je buiten ging spelen en ik op weg ging naar min trein, draaide jij je om, wuifde naar me en riep: ‘Dag pappie!’ Waarop ik mijn wenkbrauwen fronste en bij wijze van antwoord zei: ‘Trek je schouders toch naar achteren!’

En ’s middags laat, begon het allemaal van voren af aan. Toen ik aan kwam wandelen ontdekte ik dat je op je knieen lag te knikkeren. Je had gaten in je kousen. Ik heb je toen voor de ogen van je vrienden vernederd door je voor me uit naar huis te laten marcheren. Kousen waren duur- en als jij ze zelf had moeten betalen zou je wel voorzichtiger zijn geweest!

Herinner jij je nog hoe je later, toen ik in de studeerkamer zat te lezen, heel schuchter binnen kwam, met die verdrietige blik in je ogen? Toen ik over de rand van mijn krant naar je keek, geirriteerd door de storing, bleef je aarzelend op de drempel staan. ‘Wat wil je?’snauwde ik je toe.

Je zei niets, maar rende stormachtig op me af, sloeg je armpjes om me heen en kuste me en je kleine armen omhelsden me met een affectie die alleen God in je hartje kon laten ontkiemen, een liefde die zelfs niet kan verdorren als gevolg van verwaarlozing. En weg was je, naar boven denderend over de trap.

Wel zoon, niet lang daarna gleed de krant uit mijn handen en werd ik overmand door een misselijkmakend gevoel van angst. wat heeft de gewoonte met mij gedaan? De gewoonte om altijd en eeuwig gebreken aan je te ontdekken en je standjes te geven- zo beloonde ik het feit dat je nog een jongen was. Dat kwam niet omdat ik niet van je hield; het kwam omdat ik teveel verwachtte van een kind. Ik hanteerde de maatstaven voor iemand van mijn eigen leeftijd.

Maar toch was er zoveel goeds en liefs en waarachtigs in je karakter. Dat hartje van je was even groots als de dageraad, daar boven de uitgestrekte heuvels. Dat bleek wel uit de spontane manier waarop je binnen kwam stormen om me goedenacht te kussen.

Vanavond doet er verder niets toe, zoon. Ik ben in het donker naar je bedje geslopen en kniel hier neer, vol schaamte.

Het is een zwakke poging tot boetedoen; ik weet dat je deze dingen niet zou begrijpen als ik je ze probeerde uit te leggen als je wakker was. Maar morgen zal ik een echte vader voor je zijn!

Ik zal met je spelen en zal verdriet met je hebben als je verdrietig bent en ook zal ik met je mee lachen als je lacht. En ik zal op mijn tong bijten als ik me ongeduldige woorden laat ontvallen. Ik zal dit telkens blijven zeggen, alsof je een ritueel betreft: ‘Hij is nog maar een jongen – een kleine jongen!’

Ik vrees dat ik me je voorstelde als een volwassen man. Maar nu ik je hier zie liggen, zoon, vermoeid en opgerold zie ik dat je nog maar een kind bent. Gisteren zat je nog op de arm van je moeder en rustte je hoofdje op haar schouder. Ik heb teveel van je gevergd, veel te veel..

O zo herkenbaar gedicht van Portia Nelson over vallen, opstaan en leren.

21 Okt

Autobiography in Five Short Chapters

There’s a hole in the sidewalk by Portia Nelson

Chapter 1

I walk down the street.
There is a deep hole in the sidewalk.
I fall in.
I am lost … I am helpless.
It isn’t my fault.
It takes forever to find a way out.

Chapter 2

I walk down the same street.
There is a deep hole in the sidewalk.
I pretend I don’t see it.
I fall in again.
I can’t believe I am in the same place.
But it isn’t my fault.
It still takes a long time to get out.

Chapter 3

I walk down the same street.
There is a deep hole in the sidewalk.
I see it is there.
I still fall in … it’s a habit.
My eyes are open.
I know where I am.
It is my fault.
I get out immediately.

Chapter 4

I walk down the same street.
There is a deep hole in the sidewalk.
I walk around it.

Chapter 5

I walk down another street.


Imperfectie… heerlijk.

19 Okt

(hieronder een reactie van Mark van http://www.voorpositiviteit.nl op een van onze posts. Zo’n gaaf gedicht willen we graag met jullie delen, dank Mark!)

Onderstaand gedicht is volgens Mark voor perfectionisten erg inspirerend en vermakelijk. Het gedicht komt uit ‘Schrijvend tot jezelf komen’ en is geschreven door Saskia de Bruin.

Ode aan de prutsers

Lang leve de prutsers
Hoera voor het halve werk, gemakzucht, luiheid en de moed om af te raffelen.
Eer aan degene die niet het beste hoeft te geven van zichzelf.
Een buiging voor zomaar ergens beginnen, ook al weet je niet of je het kunt.

Alles waar je van droomt, kun je in ieder geval slecht of matig.
Dus waarom niet gewoon beginnen.
Wacht niet langer omdat je het nog niet kunt.
Schrijf het niet af omdat het vast niets wordt.
Slecht schrijven is toch schrijven.
Matig toneel spelen is het begin van je droom.
Vals zingen kan heerlijk zijn.
En het kan alleen maar beter worden.

Dus begin prutsend aan je passies.
Hoera voor het broddelwerk.
Een buiging voor gerommel en gespeel.
Eer aan degene die zomaar wat doet.

Lang leve de pret van het hoe dan ook doen.

Your joy is your sorrow unmasked-Kahlil Gibran (gedicht)

5 Mrt

On Joy and Sorrow
Kahlil Gibran


Your joy is your sorrow unmasked.
And the selfsame well from which your laughter rises was oftentimes filled with your tears.
And how else can it be?
The deeper that sorrow carves into your being, the more joy you can contain.
Is not the cup that holds your wine the very cup that was burned in the potter’s oven?
And is not the lute that soothes your spirit, the very wood that was hollowed with knives?
When you are joyous, look deep into your heart and you shall find it is only that which has given you sorrow that is giving you joy.
When you are sorrowful look again in your heart, and you shall see that in truth you are weeping for that which has been your delight.

Some of you say, “Joy is greater thar sorrow,” and others say, “Nay, sorrow is the greater.”
But I say unto you, they are inseparable.
Together they come, and when one sits, alone with you at your board, remember that the other is asleep upon your bed.

Verily you are suspended like scales between your sorrow and your joy.
Only when you are empty are you at standstill and balanced.
When the treasure-keeper lifts you to weigh his gold and his silver, needs must your joy or your sorrow rise or fall.

Kahlil Gibran- The Prophet Collection